Identiteit
Onze identiteit ligt in de eerste plaats in Jezus Christus. Dat wij christenen zijn, betekent dat we een relatie hebben met Jezus Christus. Hij is in ons leven als Heer en Heiland gekomen toen wij opnieuw (geestelijk) werden geboren. Vanaf dat moment is Hij door de Heilige Geest in ons komen wonen. Wij streven ernaar dat Hij nu steeds meer ons leven overneemt. Dat is ons verlangen! Wij willen steeds meer in de voetsporen treden van de Here Jezus, ook al zien we dat dat met vallen en opstaan en veel struikelen gepaard gaat!
Vanuit onze identiteit in Christus streven wij naar een aantal doelen, namelijk:
- God verheerlijken en eren in ons leven.
- Groeien in ons geloof en vertrouwen op Christus en elkaar daarin opbouwen en stimuleren. Dat betekent dat we er naar streven steeds meer te gaan lijken op Jezus Christus.
- Voorzien in pastorale en diakonale zorg.
- Het bevrijdende evangelie van Jezus Christus bekend maken aan hen die Hem nog niet kennen.
- Groeien in aantal.
- Met verwante gelovigen samenwerken om het evangelie te verbreiden.
Geloofsbelijdenis
Ichtus heeft de volgende geloofsbelijdenis samengesteld, die hieronder ook wordt toegelicht.
Wij belijden:
-
Dat Israel's God ook onze Here is, Die naast Zich geen ander duldt.
-
Dat God Zich op velerlei wijze openbaart; in de schepping, in de geschiedenis en in de Bijbel, zijnde het geïnspireerde, onfeilbare Woord van God, waarvan de historische authenticiteit onbetwistbaar is.
-
Dat de Bijbel het enige richtsnoer is voor leven en leer en dat alle andere uitleg daaraan ondergeschikt is.
-
Dat de mens van nature geneigd is tot alle kwaad en daardoor zonder goddelijke tussenkomst de gemeenschap met God niet kan beleven.
-
Dat Jezus Christus is gezonden door God als middelaar tussen God en mensen, en dat door Zijn plaatsvervangend lijden en sterven verlossing is bereikt voor hen die dit in geloof aannemen.
-
De noodzaak van bekering en door God geschonken wedergeboorte.
-
De inwoning van Gods Geest in alle gelovigen.
-
De bijbelse doop door onderdompeling op belijdenis van het geloof.
-
De noodzaak tot samenkomst der gelovigen.
-
De wederkomst van Jezus Christus.
-
De noodzaak van het uitvoeren van de Grote Opdracht, als beschreven in Mattheüs 28:19.
Toelichting op de geloofsbelijdenis:
Bij 1. Wij willen niet de indruk wekken dat de gemeente de plaats van Israel heeft overgenomen. Hij is de enige God die aanbidding verdient. Alles is ondergeschikt aan Hem.
Bij 2. Omdat we stellen dat de Bijbels Gods Woord is, en dus onbetwistbaar, hoeven wij alle heilsfeiten niet te herhalen. Immers we geloven van "kaft tot kaft" zonder enige beperking in de uitleg. Zie ook punt 3.
Bij 4. In de bijbel lezen we dat ieder mens zonde, verkeerde dingen, doet en dat er geen goed in hem woont. (zie o.a. Romeinen 7:18) Vanuit onszelf kunnen we ook nooit goed genoeg leven om God te behagen. Ook al doen we nog zo goed ons best. (o.a. Rom. 8:8) Daarom heeft God een plan bedacht zodat de mens toch weer met Hem kan leven. Hij heeft Zijn Zoon, Jezus Christus naar deze wereld gestuurd (Johannes. 3:16) om de straf die voor de mens bedoeld was, op Zich te nemen. (Jesaja 53:5).
Bij 5. Iedereen die accepteert dat Christus zijn of haar straf gedragen heeft, die dat gelooft, mag weten dat hij/zij een kind van God is. (Romeinen 8:16 en 17) De enige voorwaarde die God stelt is dat we geloven, dat wij ons bekeren.
Bij 6. Dan schenkt God ons Zijn genade. Dan mag je ook weten dat Gods Geest in je woont.
Bij 7. Zie Romeinen 5:5 en 8:9-16. Iedereen moet dus zelf een persoonlijke keus voor God maken. Dan zal Gods Geest in hem/haar komen wonen en vernieuwing geven.
Bij 8. Om datgene wat er innerlijk met mensen gebeurt is, ook zichtbaar te maken, dopen wij mensen die geloven dat Jezus voor hun zonden gestorven maar ook weer opgestaan is. Dit noemt men ook wel de doop op geloof of doop door onderdompeling. (Handelingen 2:38 en 41).
Bij 9. Wij geloven dat God ons aan elkaar gegeven heeft en dat we elkaar ook nodig hebben. Het is niet Gods bedoeling dat mensen in hun ééntje geloven. De bijbel gebruikt hiervoor het beeld van een lichaam waarbij de verschillende leden van dit lichaam allemaal een funktie hebben en van elkaar afhankelijk zijn. (1 Korintie 12:14 - 25) Dit ‘samenkomen' van gelovigen gebeurt niet alleen op zondag maar mag gestalte krijgen tijdens alle dagen van de week.
Bij 10. Wij geloven dat Jezus, nadat Hij Zijn verzoenende werk hier op aarde heeft gedaan, terug gekeerd is naar Zijn Vader in de hemel maar dat Hij eens weer terugkomt naar deze aarde om Zijn koninkrijk definitief te vestigen (Handelingen 1:11). Dan zal Hij de levenden en de doden oordelen. De gelovigen zullen met Hem het eeuwige leven ingaan. Zij die niet geloofd hebben in Jezus Christus zullen voor eeuwig verloren gaan.
Bij 11. In die tussentijd mogen wij vertellen van Gods liefde en genade voor alle mensen, mensen maken tot leerlingen, beelddragers, van Christus.


